De Omega van het VakWe zullen de periodewinst moeten kunnen bepalen, want anders weten we niet, kunnen we niet weten of we wel of niet met de goede dingen bezig zijn. Het hele begrip 'effectiviteit' is dan zoek. "As long as Business Economics does not tell us what profit exactly is and how to measure profit, we do not know, we cannot know, if we are doing the right things: YES or NO? All over the world, business is sorely in need of an exact method. Science has to give a clear answer (Jacobs, 1993, p. 10)." Natuurlijk, pas uit de botsing der opinies kan de waarheid ontstaan. De winst als zodanig bestaat - een onderneming maakt winst (of verlies) - er is over enige periode een daadwerkelijk bestaand de facto resultaat. Alleen is dat resultaat niet gekend, zolang het niet zuiver gemeten is. De winst wordt vastgesteld - willekeurig is iets vast te stellen - volgens de huidige officiële stand van de wetenschap. "Perhaps the search for an ideal accounting system should be likened to the search for the philosopher's stone or the elixir of life (Whittington, 1989, p. ix)." Een oplossing zou niet bestaan, maar in principe moet de oplossing voor zo'n op de keper beschouwd 'down to earth money counting problem' kúnnen bestaan. Winstbepaling kan volgens mij - in tegenstelling tot de in academische kringen heersende mening - wel, zoals ik al sinds 1991 publiekelijk verkondig. Ook de pers is uitvoerig geïnformeerd met name het ANP, De Volkskrant, Het Financieele Dagblad en Vrij Nederland evenals hier te lande de redacties van ESB, TBA en MAB, de universiteiten van Amsterdam, Groningen, Maastricht, Rotterdam, Tilburg en Twente, Nijenrode University, het RIBES, het Limperg Instituut, de KNAW en in het buitenland onder meer De Vlerick school voor management, Cambridge University en de redacties van The Economist, The European Accounting Review en van Harvard Business Review. Op ruime schaal zijn presentexemplaren van diverse publicaties verspreid, in binnen- en buitenland. Een muur van ongeloof is nog voorstelbaar maar men zal toch minstens bereid moeten zijn tot debat; ik heb genoeg aangedragen, het staat allemaal opgetekend in ISBN-geregistreerde uitgaven en er ligt geen woord inhoudelijke kritiek. Ik claim een wetenschappelijke doorbraak. The Profit Formulaâ is het ei van Columbus inzake winstbepaling. Daarmee kan iedereen bijvoorbeeld SPD- en NIVRA-examenopgaven moeiteloos oplossen. De wetenschappelijke vooruitgang mag niet worden geblokkeerd. Dat kán op den duur ook niet. Wie dat poogt te doen blameert zichzelf. Kortzichtigheid mag geen troef zijn noch eigenwijsheid, onkunde en ongeïnteresseerdheid. Innoverend bezig zijn en een open oog en oor hebben voor nieuws. Iedereen kan winst bepalen. Zie The Profit Formula®. Overtuig uzelf: Put it to the test
Elke winst kan eenvoudig worden bepaald. Het is klaarblijkelijk het establishment dat de wetenschappelijke vooruitgang blokkeert. Wetenschappers moeten willen dat er iets nieuws wordt ontdekt. In plaats van kritiek op waarde te schatten sluiten economen en accountants zich er voor af en klampt men zich vast aan de in eigen kring vertrouwde standpunten. Wie beweert dat winstbepaling wel kan, deugt niet, heeft boze bedoelingen, is naïef of snapt er niets van. Zonder nog maar een letter gelezen te hebben van Jacobs 1991, 1993 of 1996 wisten hoogleraren en journalisten (het is allemaal uitgebreid gedocumenteerd) op schelle toon The Profit Formula® te bestempelen als "dat kan niets zijn". En "slechts een simpele rekenregel" (zéér juist, maar kom er maar eens op; 'slechts' is niet slecht maar juist goed!), "niet past binnen de filosofie en de kwaliteitscriteria van het MAB", "een verre van toereikende basis biedt" voor iets "academisch" aldus prof. dr. A. Oosenbrug RA, AAG die duidelijk blijk gaf niet te weten wat het verschil is tussen ijken en meten. Journalisten stonden er herhaaldelijk bij en keken er naar en gaven toch het voordeel van hun twijfel aan de autoriteit van bijvoorbeeld in meer dan één geval de Erasmus Universiteit Rotterdam. De vakgroep Kosten- en Winstbepalingsvraagstukken van deze universiteit erkent dat The Profit Formula® waardevrij is en als zodanig "steriel" en "een oplossing biedt voor het calculatorische aspect van de winstbepaling." Maar aan de verdediging ervan op het ƒma-congres was geen behoefte, zei men, "omdat ten aanzien van dat calculatorische aspect geen (bedrijfseconomisch) probleem bestaat." Ziende zijn ze in Rotterdam stekeblind. Erasmus moet zich wel omdraaien in zijn graf. Vanuit de Rijksuniversiteit Groningen waar ze zeggen te werken aan de grenzen van het weten schreef prof. dr. D.W. Feenstra RA: "Ik wijs uw gedachte dat er een ultiem winstbepalingsstelsel bestaat volstrekt af." Waarom? Argumenten, ho maar. De Managing Editor van Harvard Business Review liet mij weten: "The subject of calculating profits is an important one, as is your treatment. However, the editors thought the manuscript better targeted to readers who are just beginning to consider this subject than to the senior-level managers who are HBR's primary audience." Alsof simpel niet goed is. The Profit Formula® omvat in zijn eenvoud alles. Eenvoud is kenmerk van het ware. Nodig is 'a paradigm shift'. Ik heb volgens mij alles geprobeerd. Iedereen geïnformeerd. Men kan mij niet verwijten dat ik mijn licht onder de korenmaat heb gezet. Ze wilden gewoon niet luisteren, konden het gewoon niet inzien of hadden gewoon geen tijd. Of geen plaats, bijvoorbeeld: "the scientific committee could not find room in the programme of the 21st Annual Congress of the European Accounting Association" for my paper about profit calculation. Vastgebakken als iedereen schijnbaar is aan oude paradigma's. De waarheid is keihard. Er is van de jaarrekening een regelrechte puinhoop gemaakt. In de huidige financiële berichtgeving wint de boekhoudkundige benadering het van de economische benadering. Wetenschap is ver te zoeken. Op tal van plaatsen zitten lekken in de te onderscheiden overzichten die wel horen te blijven samenhangen. Begin- en eindbalans, verlies- en winstrekening over de tussenliggende periode en het SHBM-overzicht; het moet gewoon kloppen. Sommige economen zien dat waarachtig in en verwerpen vervolgens de ontspoorde balans en verlies- en winstrekening en willen naar heel nieuwe vormen van accounting. Ze gooien met het badwater het kind weg en roepen "accounting is dead". Hogescholen en universiteiten, wereldwijd, bewandelen nog steeds de traditionele weg inhoudende dat tegenover de verkopen de kosten van die verkopen worden gesteld waarbij handelsgoederen anders worden behandeld dan duurzame productiemiddelen. Afschrijvingen zijn waardeverschillen en een slijtend duurzaam productiemiddel is niets anders dan een afnemende voorraad werkeenheden. Het gaat helemaal niet om de machine of wat het ook is zelf, maar om de waarde ervan, de waarde(-daling) van zo'n (afnemende) voorraad werkeenheden. "De waarde van een voorraad ergens van, behalve werkeenheden evengoed ook goederen (Jacobs, 1991, p. 41)." En behalve goederen ook monetaire activa, immateriële activa alsmede die passiva die te beschouwen zijn als negatieve activa. Een schuld is niks anders dan een bezit met een negatieve waarde. Winstbepaling is een fluitje van een cent; het opschrijven van de opgaven kost meer tijd, ruimte en moeite dan de uitwerking. |